HR5 werknemers loket Loket.nl NMBRS
HR5 werkgevers loket Loket.nl NMBRS
HR5 Expertise centrum
HR5 verzuim loket Dotweb Cloud

HR5 Nieuws

Nieuws overzicht Nieuws archief

1e WWZ-uitspraken over proeftijd en aanzegverplichting

Sinds 1 januari 2015 is de eerste fase van de nieuwe Wet Werk en Zekerheid in werking getreden. De wijzigingen gelden onder meer voor proeftijd, aanzegtermijn en concurrentiebeding. Inmiddels zijn ook al de eerste WWZ-uitspraken verschenen.

 

 

 

Proeftijd

 

Kantonrechter Midden-Nederland

Een IT-medewerker wordt per 1 maart 2015 aangenomen bij een softwarebedrijf voor de duur van zes maanden. In de arbeidsovereenkomst wordt een proeftijdbeding afgesproken. Verder krijgt de medewerker een auto van de zaak, waarvan de helft van het leasebedrag van zijn nettoloon wordt afgetrokken.

 

Arbeidsovereenkomst opgezegd

Op 31 maart 2015 krijgt de medewerker te horen dat hij niet meer hoeft te komen. Zijn arbeidsovereenkomst wordt opgezegd vanwege bedrijfseconomische redenen en in de ontslagbrief wordt met name de proeftijd genoemd.

 

Verder dient de werknemer nog eens de helft van het leasebedrag van zijn auto over de maand april te betalen.

 

Proeftijd

De medewerker stapt naar de kantonrechter en spant een kort geding aan. Er mag volgens hem geen proeftijd worden afgesproken in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van zes maanden. De medewerker eist doorbetaling van zijn maandelijks loon tot het moment waarop het contract rechtsgeldig wordt beëindigd. Bovendien vordert hij terugbetaling van zijn leasebedrag over april. Hij eist verder dat hij weer wordt toegelaten tot zijn werkzaamheden en houdt zich daar ook beschikbaar voor.

 

De werkgever zegt niets fout te hebben gedaan. Hij heeft de arbeidsovereenkomst tenslotte binnen de proeftijd opgezegd. Tevens eist hij de leaseauto terug.

 

Wet Werk en Zekerheid

Met de nieuwe Wet Werk en Zekerheid in de hand heeft de kantonrechter al snel het oordeel klaar. Sinds 2015 kan er geen proeftijd in een arbeidsovereenkomst van ten hoogste zes maanden worden overeengekomen. De proeftijd is dus ongeldig. Als er sprake was van bedrijfseconomische redenen dan had de werkgever naar het UWV moeten stappen en toestemming moeten vragen. Nu dit niet is gebeurd, is de arbeidsovereenkomst in stand gebleven.

 

Dat geldt ook voor de arbeidsvoorwaarden zoals de auto van de zaak. De werknemer houdt dan ook de beschikking over de leaseauto. Ondanks dat de werkgever geen werkzaamheden voor handen heeft voor de werknemer, moet hij toch te werk worden gesteld. Ook moet de werkgever loon doorbetalen vanaf 1 april. Het leasebedrag over april hoeft de werkgever niet terug te betalen daar de medewerker zijn leaseauto behoudt. De kantonrechter oordeelt bovendien dat de werkgever binnen 48 uur de werknemer moet toelaten op de werkplek, anders volgt een dwangsom.

 

Aanzegverplichting

 

Kantonrechter Leeuwarden

Een kapster trad in dienst bij haar werkgever op grond van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd met een looptijd van 1 maart 2014 tot 1 maart 2015. Omdat de kapsalon per 15 oktober 2014 werd overgenomen door een nieuwe eigenaar, zegde de kapster haar arbeidsovereenkomst op en sloot zij met de nieuwe werkgever een nieuwe arbeidsovereenkomst met een looptijd van 15 oktober 2014 tot 1 maart 2015. Deze overeenkomst werd na 1 maart 2015 niet voortgezet. De kapster maakte daarop aanspraak op een vergoeding ter hoogte van een maandsalaris, nu de werkgever volgens haar niet aan de aanzegplicht had voldaan.

 

De kantonrechter stelde allereerst vast dat er sprake was van een overgang van onderneming, zodat alle rechten en plichten per 15 oktober 2014 van de oude op de nieuwe werkgever waren overgegaan (en er aldus, ondanks het formeel sluiten van een nieuwe arbeidsovereenkomst, sprake was van een arbeidsovereenkomst voor de duur van een jaar). Nu de nieuwe werkgever het niet voldoen aan de aanzegplicht niet had betwist, werd hij veroordeeld tot betaling van een maandsalaris.

 

 

Kantonrechter Den Haag

Een werknemer was in dienst bij een uitzendbureau op grond van een ‘Detacheringsovereenkomst Fase B’. Ten aanzien van de duur van deze overeenkomst was opgenomen dat deze liep van 29 juni 2014 tot en met 31 januari 2015, zodat de overeenkomst op 1 februari 2015 van rechtswege zou eindigen.

 

Na het einde van de detacheringsovereenkomst maakt de werknemer aanspraak op de vergoeding ter hoogte van één maandsalaris, nu het uitzendbureau niet aan de aanzegplicht had voldaan. Hij kreeg echter nul op het rekest. De kantonrechter oordeelde namelijk dat de aanzegplicht hier niet van toepassing was. Op grond van het overgangsrecht geldt de aanzegplicht voor arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd die eindigen op of na 1 februari 2015. Nu de laatste werkdag in casu was gelegen op 31 januari 2015, rustte op het uitzendbureau geen aanzegplicht en kon de werknemer geen aanspraak maken op een vergoeding.

 

Tot slot

Het lijkt erop dat de nieuwe aanzegplicht nog even wennen is. Wij raden aan om automatische reminders in te bouwen in outlook, uw personeelsadministratie of andere systemen zodat u een tijdige aanzegging niet kan worden vergeten. Uw HR5 adviseur kan u hierbij behulpzaam zijn.

 

Bron: PW de Gids / HR Praktijk

 

Neem contact op of meld een klacht

Wij staan voor u klaar!

Uden: 088 - 5500 600 | Info@hr5.nl

Klacht melden

HR5 algemeen
HR5 Arbo & verzuimmanagement

Bel mij terug

Verstuur nummer

Stel een vraag

Verstuur vraag

Deel op:

Naar boven